15 mrt 2019

Klimaatbeleid: 'Sorry, maar mensheid redden is gewoon te duur'

Wie debatteert over hoe een ambitieus én echt realistisch klimaatbeleid er moet uitzien en hoe dat te financieren, wordt door conservatief Vlaanderen én orthodoxe macro-economen neergesabeld. Aan jongeren wordt gezegd dat ze puberaal zijn en terug naar school moeten. In het licht van een aanstaande klimaatrevolutie is dit het ‘Ancien Regime’ dat spreekt. Aan alle (Europese) burgers die van de Europese Unie én hun nationale overheden wél een antwoord verwachten, zeg ik dat geld niet het probleem is.

De echte schaarste zit hem in de politieke kapitaal. Wat nu ontbreekt, is de politieke wil deze klimaatcrisis om te buigen in een mogelijke én noodzakelijke triple win: al te catastrofale klimaatverandering afwenden, op EU-niveau investeren in een boost voor een duurzame economie, het creëeren van miljoenen jobs én een verbetering van het leefmilieu, via bijvoorbeeld luchtkwaliteit. Zoals bekend zorgt luchtvervuiling jaarlijks voor 400.000 voortijdige overlijdens in de EU.

Ik vrees dat de jongeren die sinds maanden op straat komen voor een strikter klimaatbeleid en een leefbare toekomst niet veel genoegen zullen beleven aan die openbare manifestatie van politieke schizofrenie.

Politieke schizofrenie

Deze week keken ruim zestig jonge klimaatactivisten of ‘bosbrossers’ uit vele Europese landen, ook België, letterlijk neer op europarlementsleden en eurocommissarissen vanuit de publieke tribunes in het EP in Straatsburg. We debatteerden op 13 maart over het Europese klimaatbeleid en op 14 maart stemmen we over een standpunt over het EU-klimaatbeleid over de periode 2030-2050, wanneer de EU quasi koolstofvrij zou moeten worden. Daarmee willen we de Europese Raad van volgende week een duw in de goede richting geven over het toekomstig klimaatbeleid. Ik ben er zeker van dat de jongeren geconcentreerd luisterden en hoorden hoe sommige politici ter rechterzijde met gespleten tongen spreken: ‘We zijn wel voor klimaatbeleid, maar tussen droom en daad staan wetten en praktische bezwaren in de weg.’

Ik vrees dat de jongeren die sinds maanden op straat komen voor een strikter klimaatbeleid en een leefbare toekomst niet veel genoegen zullen beleven aan die openbare manifestatie van politieke schizofrenie.

Politici hebben nochtans die druk van buitenaf erg nodig hebben om tot een beter beleid te komen. Het straatprotest is een soort tegenlobby van burgers tegenover de fossiele industrie. Dat is geen anti-politiek, dat is helaas realiteit.

Voor alle conservatieve commentatoren op sociale media die de urgentie blijkbaar nog steeds niet (willen) snappen: op 31 oktober 2017 wezen de VN ons officieel op een “catastrofale kloof” tussen wat staten beloofden te doen en de noodzakelijke reductie van de uitstoot van broeikasgassen die nodig is om de klimaatverandering te beperken tot 2 graden. “De toezeggingen van landen zijn amper goed voor een derde van de reducties die nodig zijn,” zei het Milieuprogramma van de VN toen. Drie jaar na het Akkoord van Parijs staan we nog altijd ver van we zouden moeten doen volgens de gemaakte afspraken. In oktober 2018 wees het internationaal klimaatpanel IPCC ons er op dat we slechts 12 jaar hebben om de CO2-uitstoot met zeker de helft terug te brengen. Een decennium dus.

In Nairobi waar deze hele week staatshoofden, regeringsleiders, ministers, CEO’s en anderen op een VN-top spreken over ‘Innovative Solutions for Environmental Challenges and Sustainable Consumption and Production’ zei UNEP-direkteur Joyce Msuya: “De tijd raakt op. We zijn voorbij het doen van beloften zonder verantwoording. Wat op het spel staat is het leven zelf, en de samenleving zoals we die vandaag kennen”. De realiteit is dat we nu op koers liggen voor 3.2 graden opwarming aan het einde van deze eeuw. Als we niet heel snel bijkomende maatregelen nemen, kan de wereld de 1.5-graden doelstelling uit het Parijsakkoord in ieder geval op de buik schrijven.

Hoe dichten we de schizofrene kloof tussen woord en daad? Wat kan en moet Europa doen?

Meer ambitie

Het klimaatakkoord van Parijs wil dat we een Europese langetermijnstrategie voor een Europese CO2-neutrale economie uitwerken voor 2020.

Ook hier is er weer sprake van schizofrenie: de bestaande plannen voor de periode 2030- 2050 zijn prachtig. Maar het voorstel van de Europese Commissie houdt alles bij het oude voor de komende tien jaar, terwijl we net weten hoe belangrijk bijkomende actie op korte termijn is. De Europese groene fractie wil daarom dat het voltallig parlement gaat voor wat eerder de milieucommissie eiste. De Europese 2030-doelstelling voor het terugdringen van de CO2-uitstoot moet worden verhoogd van -40% naar -55% t.o.v. 1990.

Ik hoor Johan van Overtveldt al kakelen dat “op een economisch kerkhof er niets groeit”. Nochtans laat de Europese Commissie in haar voorstel voor een langetermijnstrategie zien dat een harde doelstelling voor een CO2-neutrale economie in 2050 enorme voordelen met zich meebrengt. Niet alleen voor het klimaat, maar bijvoorbeeld ook voor het creëren van extra jobs. De economische prognoses spreken over miljoenen extra jobs in de EU niet ondanks, maar dankzij een sterk klimaatbeleid.

De boodschap is dat scherp klimaatbeleid op velerlei manieren loont. Daarom mogen we de discussie over een scherpe doelstelling voor 2030 niet uit de weg gaan. Ook leunt het voorstel van de Europese Commissie te veel op technologie om CO2 uit de lucht te halen. We weten dat daar enorme risico’s aan verbonden zijn. Het is een beetje zoals de voorzitter van de grootste Vlaamse partij die stelt dat we straks gewoon alle overtollige CO2 in de de bodem van de Noordzee kunnen pompen. Klaar is conservatieve Kees. Carbon Capture Storage of CCS kan best een rolletje spelen in de toekomst, maar niet als strategie om de verdere uitstoot van broeikasgassen te stoppen.

De milieucommissie van het EP zette dit soort dwalingen recht. Als deze week ook het hele EP dat doet, dan is dat een duidelijk signaal voor de Europese regeringsleiders, die op hun beurt de langetermijnstrategie en de Europese 2030-doelstelling bespreken tijdens een speciale EU-top in Roemenië over de toekomst van Europa. En dat is weer een doorslaggevend moment voor het EU-standpunt op de speciaal ingelaste VN-top in september, waar wereldleiders bij elkaar worden geroepen om hun nationale klimaatplannen aan te scherpen.

Zimbabwaanse Financiering?

Maar hoe betaalt u dat dan allemaal, vraagt men ons dan? Ten eerste zou iedereen collectief en creatief bezig moeten zijn met het vinden van antwoorden op die vraag, in plaats van de voorstellen van anderen direct af te schieten. Ten tweede, even een ‘rewind’ naar oktober 2008: toen legden we in de EU in totaal snel en zonder veel discussie zo’n 5000 miljard euro neer voor het overeind houden van ‘too big to fail’-banken en de financiële sector, zonder daar veel hervormingen of systeemwijzigingen voor terug te vragen. Door dat speculatieve beleid is ons financieel-economische systeem nog steeds fragiel en lopen we miljarden mis.

Het EU Joint Research Center berekende de kosten van niets doen voor de EU op zeker 190 miljard euro per jaar. De internationale herverzekeraar Swissre berekende dat in 2017 de economische schade van natuurlijke rampen, waarvan een groot deel klimaatgerelateerd, wereldwijd 330 miljard dollar bedroeg. De verzekeringswereld dekte maar 192 miljard dollar van die kosten. In de VS lijden mensen en bedrijven collectief – nu al – jaarlijks voor 15 miljard dollar schade door overstromingen. Slechts een derde is verzekerd. Met een dweil van de Aldi kom je er in dat soort gevallen niet.

Het goede nieuws is dat er wel geld voor concrete klimaatactie. Die actie zal geld kosten, zeer veel geld. Daarover moeten we ons geen illusies maken. Volgens de Europese Commissie zijn er voor de strijd tegen klimaatverandering jaarlijkse investeringen nodig ten belope van 175 tot 290 miljard euro. Dat loopt tegen 2030 op tot ruim 3000 miljard. Tiens, dat is alvast minder dan wat we voor de banken dokten!

Deze ruim 3000 miljard is geen verloren geld. Het verdient zich ook met economische returns terug. Als je bovenop het vervangen van fossiele jobs, in de EU miljoenen nieuwe en technologisch hooggeschoolde jobs kunt creëeren -Duitsland evolueerde van 25.000 duurzame jobs op een paar jaar tijd naar 400.000- dan creëert dat belastingkomsten. Beeldt u in wat dat kan betekenen voor het toekomstperspectief voor jongeren in landen als Griekenland , Portugal of Spanje waar de jeugdwerkloosheid torenhoog is.

Met investeringen in het opwekken van duurzame energie in de EU, bespaar je op de naar schatting 500 miljard euro die we in de EU jaarlijks uitgeven aan de import van fossiele brandstoffen uit dictaturen.

We moeten de meerjarenbegroting van de EU (MFF 2021-2027) nog straffer in het teken zetten van een klimaat-Marshallplan. Groenen stellen voor om zeker 50% van de uitgaven klimaatgerelateerd te maken, goed voor 90 miljard euro per jaar en 630 miljard euro 2027.

En dan zijn er de ‘grote ingrepen om financiële armslag te creëeren’, zoals het creëeren van een heuse klimaatafdeling binnen de Europese Investeringsbank. De economen en vele anderen achter het Franse initiatief ‘Pacte Finance Climat’ pleiten voor het ‘creëeren van nieuw geld’ om klimaatbeleid te financieren. “Inflatie en Zimbabwaanse toestanden”, roepen de brulkikkers meteen, “en diefstal van de spaarders!”. Sinds april 2015 heeft de ECB al zo’n 2600 miljard euro ‘bijgedrukt’ en verdeeld in de financiële sector in de hoop dat dat via leningen naar investeringen richting de reëele economie zou vloeien. Helaas was dat slecht het geval voor een bedrag van amper 300 miljard euro. De rest werd gebruikt voor speculatieve activiteiten, gevaarlijk voor nieuwe financiële instabiliteit.

Als de ECB dan toch doorgaat met zijn beleid van ‘Quantitative Easing’ is het dan teveel gevraagd om ervoor te zorgen dat dat gebruikt wordt voor de groene transitie. Green QE, dus.

Bovendien stelt het ‘Pact Finance Climat’ dat de hernieuwde Europese Investeringsbank als een soort Klimaatpact aan elke Europese lidstaat renteloze leningen tot maximaal 2% van zijn BNP verstrekken, maar dan wel louter voor de financiering van een echt duurzame economie. Det levert elk land ettelijke miljarden op om de transitie ruim voor 2030 in te zetten. Crazy? Voor de hereniging van Duitsland 30 jaar geleden werd de speciale investeringsbank BERD gebruikt om die klus te helpen klaren.

We kunnen ook een deel van de jaarlijks 1000 miljard euro die de EU misloopt als gevolg van BTW-fraude en andere vormen van belastingsfraude en -ontwijking terugvorderen! De digitale multinationals nu eindelijk eens op een faire manier belasting laten betalen. De MNO’s evenveel belastingen laten betalen als onze KMO’s en zo de globale belastingdruk zelf verlagen.En als we nu eens de fiscale competitie tussen EU-lidstaten stopzetten door een EU-geharmoniseerde belastingvoet in te voeren en een deel (5%) van dat geld (100 miljard euro) te gebruiken voor onderzoek naar onderzoek&ontwikkeling, energie-efficiëntie, en duurzame investeringen in de buurlanden aan onze buitengrenzen en in Afrika. Of zien sommige conservatieven liever tienduizenden klimaatvluchtelingen naar Europa afzakken? Of zeggen zij in feite: “Sorry, de mensheid redden, dat is gewoon te duur”.

Bert Gabriëls wil niet meer

Tot slot spreekt het natuurlijk voor zich dat we stoppen met de vervuiling te subsidiëren, toch zeker goed voor vele tientallen miljarden euro per jaar.

Comedian Bert Gabriels klopt aan bij FairFin en klaagt terecht aan dat hij als zelfstandige via zijn pensioenkas, gedwongen wordt te investeren in olie en gas. Dat dachten wij als groenen ook al een tijdje. In het klimaatakkoord van Parijs belooft de wereld financiële stromen in lijn te brengen met het wereldwijde klimaatdoel. Daarvoor moet duurzaam investeren van uitzondering de nieuwe norm worden. De investeringen van nu bepalen immers hoe onze economie er over twintig jaar uitziet.

Mede op aandringen van de groene fractie kwam de Europese Commissie vorig jaar met een actieplan voor verduurzaming van de financiële sector. Het wetsvoorstel voor een raamwerk van duurzame investeringen was echter heel bescheiden gezien het niet op de hele financiële sector, maar slechts op specifieke groene financiële producten gericht was. Een beetje een greenwashing operatie via een nichemarkt dus.

Na een maandenlange politieke strijd en intensieve lobby vanuit het bedrijfsleven stemden de gezamenlijke commissies Economische zaken en Milieu maandagavond in Straatsburg over het voorstel van de Europese Commissie voor een duurzaamheidsclassificatie van investeringen, maar dan aangevuld met voorstellen om dat ambitieniveau flink op te schroeven en achterpoortjes te dichten. De groene fractie wil in essentie dat alleen beleggingsproducten die aan wettelijke duurzaamheidsstandaarden voldoen als ‘duurzaam’ mogen worden verkocht.

Het voorstel haalde het nét wel, maar wel in een fel afgezwakte versie. Helaas verzwakte bijvoorbeeld een krappe rechtse meerderheid de voorstellen om ook vervuilende investeringen te ontmoedigen. Die rechtse meerderheid schoot ook enkele gaten in de wet waardoor onder andere voorstellen om duurzame investeringen te toetsen op respect voor mensenrechten werd verworpen. Naar verwachting komt er in april een nieuwe kans voor het hele parlement om de wet verder aan te scherpen. Wij gaan onze amendementen opnieuw indienen. Allen daarheen!

Reacties